Wangari Maathai – Gaan Europeanen echt met pensioen op hun 65ste?
LONDEN – ,,Gaan Europeanen echt met pensioen op hun 65ste? Soms zelfs nog eerder? Haha, ik ben nog maar net begonnen. Ik moet er niet aan denken dat ik binnen een half jaar opeens zou moeten stoppen met waar ik al die tijd zo hard voor heb gewerkt. Nee, ik ga door tot ik omval. De toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede heeft me ontzettend veel vuur gegeven.”
Wangari Muta Maathai (64) zit parmantig op een fauteuil in een sjieke Londense hotelkamer. Haar jurk en bijpassende haarband lijken op de outfit die ze twee weken geleden droeg tijdens de acceptatie van de Nobel Vredesprijs in Oslo: kleurrijk, opgewekt, bekoorlijk. De in april 1940 in Kenia geboren milieuactiviste is uitgegroeid tot de belangrijkste vredestichter van dit moment.
,,Ik ben opgelucht dat de Nobelcommissie heeft ingezien dat er een band bestaat tussen vrede en milieu. Ze begreep dat het gevecht voor natuurlijke hulpbronnen de basis vormt voor veel wereldconflicten. Zelf had ik dat ook niet meteen door hoor, toen ik mijn eerste boom plantte. Ik wilde vrouwen helpen, maar dat liep uit op een hevig gevecht met de regering. Om te bereiken waarin je gelooft moet je soms een hoop riskeren. Kijk naar Martin Luther King, Nelson Mandela, Bisschop Tutu, die allemaal deze Nobelprijs wonnen. Ik ben zo blij dat ook ik internationale erkenning heb gekregen voor de risico’s die ik nam voor democratie en vrede.”
Ze is niet op haar mondje gevallen. De jong ogende laureaat kwebbelt vrolijk over alles wat ze op haar levenspad tegenkwam, ook al waren dat soms zeer pijnlijke ervaringen. ,,Ik ben altijd zeker van mezelf geweest, heb altijd mijn woordje klaar gehad. Dat komt denk ik omdat ik veel heb gereisd. Ik was geen naief plattelandskind, ik studeerde veel in het buitenland. Dat was in een tijd dat de meeste Afrikaanse meisjes uit de provincie niet eens naar school gingen.”
Maathai groeide op in een boerengemeenschap in de voormalige White Highlands, een regio in Centraal-Kenia, beroemd door Isac Dinesens (Karen Blixen) roman ‘Out of Africa’. ,,Ik woonde aan de voet van Mount Kenya, daar heb ik in oktober een boom geplant toen ik hoorde van de Vredesprijs. Mijn ouders behoorden tot de Kikuyu-stam, een goed opgeleide etnische groepering. Daarmee doel ik met name op de mannen.
Vrouwen werden geacht afhankelijk en onderdanig te zijn, en dat terwijl ze altijd het fysiek zwaarste werk deden. Ik kom uit een gezin van zes kinderen. Mijn oudste broer pakte me dagelijks enthousiast bij de hand om me mee naar school te nemen. Hij wilde dat ik hetzelfde leerde als hij. Mijn ouders stemden er uiteindelijk mee in. Ik kom uit een progressief gezin, maar ik denk niet dat het mijn ouders zelf ooit op het idee gekomen waren me naar school te sturen. Ik heb dus veel aan mijn broer te danken. Mijn ouders leven niet meer, maar oh wat zou mijn moeder nu trots op me zijn geweest.”
In 1971 was Maathai de eerste vrouw in Kenia die promoveerde. Ze was toen 31 jaar oud. Vijf jaar later werd ze de eerste vrouwelijke professor van de Universiteit van Nairobi. ,,Bij alles wat ik meemaakte, zat een vleugje geluk. Het proefschrift voor mijn Masters in Amerika ging over een speciale huidweefselanalyse, waarmee ik me onderscheidde van andere academici in Kenia. Ik heb geen moment gedacht dat ik in Amerika zou blijven, ik wist dat ik terug naar huis moest om mijn bijdrage te leveren. Ik wilde assistent in opleiding worden, het maakte me niet eens zoveel uit waarin. Als ik mijn academische niveau maar verder kon ontwikkelen. Ik solliciteerde naar een baan als onderzoeker, ergens in een steppe. Moet je voorstellen: was ik aangenomen, dan had niemand me meer gezien, dan zat ik waarschijnlijk nu nog in de woestijn. Ha, ha, ha.”
Maar de baan ging naar een man. Voor vrouwen was in de academische wereld op dat moment weinig plaats. ,,Alles veranderde toen ik als enige geschikt bleek voor de baan als research assistent voor Rhino Hoffman, een Duitse professor die net bezig was een departement voor veterinaire geneeskunde op te zetten binnen de Universiteit van Nairobi. Hij is nog altijd mijn mentor en goede vriend. Mijn Keniase collega’s hadden veel meer moeite met me. Herhaaldelijk vroegen ze of mijn doctorstitel echt was of een grap. Niet vreemd natuurlijk, ze hadden nog nooit gehoord van een afgestudeerde Keniase vrouw.”
Als biologe ontdekte ze Kenia’s grootste armoedeprobleem: ontbossing. Tussen 1950 en 2000 verdween door wanbeleid negentig procent van alle bossen, de aarde droogde uit en vrouwen moesten steeds verder zoeken naar hout en water. ,,Ik was lid van de Nationale Vrouwenraad van Kenia en sprak als zodanig met vrouwen in het hele land. Houtgebrek was hun grootste zorg. Ik was sinds 1969 getrouwd met Mwangi, een succesvolle zakenman die in 1974 werd gekozen in het Keniaanse parlement. Ik probeerde hem ertoe te bewegen zoveel mogelijk bomen te planten, maar eenmaal in de regering leek hij die noodroep te zijn vergeten. Ik realiseerde me dat de verantwoordelijkheid niet bij de overheid moest worden gelegd, maar bij het volk.”
Op 5 juni, Wereld Milieudag, in 1977 plantte Maathai zeven bomen en richtte ze de Green Belt Movement (GBM) op. ,,Het waren er zeven, omdat ik ze wilde opdragen aan mensen in mijn omgeving die een belangrijke bijdrage hadden geleverd. De omringende dorpen kwamen met zeven namen, zodoende werd met die hoeveelheid bomen de GBM geboren.” Doel van de beweging was Afrika’s bossen te herstellen en te vechten voor het behoud van het weinige groen dat nog over was. Geen gemakkelijke opgave voor een organisatie die werd uitgelachen en tegengewerkt door de regering van de hardvochtige president Daniel arap Moi. Bomen planten was een taak voor getrainde boswachters, luidde het oordeel, niet voor brutale vrouwen als Maathai.
,,Ik heb mezelf nooit toegestaan bang te zijn. Ik ben geschopt, geslagen, met traangas bespoten, herhaaldelijk in de gevangenis beland zonder te weten of ik ooit nog vrijkwam, maar ik leerde mijn angst onder controle te houden. Anders ben je verloren. Als je denkt dat je zult sterven, dat je je rechten verliest, dat je ontslagen wordt, dan concentreer je je op de consequenties. Maar als je focust op wat je wilt bereiken, dßn pas stap je ergens binnen waar anderen niet durven komen.”
Maathai weigert zichzelf dapper te noemen. En toch heeft ze met gevaar voor eigen leven gewerkt aan een betere toekomst voor anderen. ,,Het gaat er niet om dat ik dapper ben, of dat ik de consequenties van mijn activiteiten niet inzie. Ik heb gewoon geweigerd de angst te omarmen die zovelen tegenhoudt hun doel te bereiken. Degenen onder ons die dat begrijpen, die zich sterk voelen, mogen niet moe worden. We mogen niet opgeven, we moeten doorgaan. Telkens als ik werd geslagen of vast kwam te zitten, dacht ik aan de vrouwen voor wie ik me inzette. Zij wisten dat waar ik voor stond, goed voor ze was.”
Minder steun kon ze verwachten van haar echtgenoot. ,,Mwangi kon net als elke Keniaanse man niet wennen aan mijn ambities. Ik weet niet of het aan hem knaagde dat ik hoger opgeleid was dan hij; eerder leek hij teleurgesteld dat iemand met zoveel universitaire kwaliteiten boomzaadjes in de grond stopte. Hij begreep niet waar ik mee bezig was. Hij had graag een vrouw gehad die meegaand en onderdanig was. We zijn gescheiden in 1980, het was een pijnlijk en vernederend proces. Ik heb mijn ex-man al een tijd niet gesproken, wel stuurde hij me een telegram met felicitaties voor de Nobelprijs. Dat is toch een mooi gebaar.”
Maathai kan nog steeds goed overweg met haar drie kinderen. Dochter Wanjira reisde mee naar de prijsuitreiking in Oslo. ,,Dat was zo belangrijk voor me. Ik ben er niet altijd geweest voor mijn kinderen, vind het daarom erg mooi dat ze er desondanks wel voor mij willen zijn. Mijn kinderen waren nog erg jong toen ik vocht voor bosbehoud en vrouwenrechten. Zij begrepen niet waarom ik zo vaak afwezig was. Ik was standvastig en gehard, vechten voor de zaak was een groot goed waar ook de kinderen voor werden opgeofferd. Het is in Nairobi heel makkelijk om hulp in de huishouding te krijgen, zodoende konden de kinderen worden opgevangen terwijl ik in de gevangenis zat. Dan had ik het wel moeilijk, ja. Dan voelde ik h·n pijn. Maar het gevoel dat ik niet meer terug kon, overheerste. Toen mijn kinderen meerderjarig waren, stuurde ik ze naar Amerika om ze beter onderwijs en een rustiger leven te geven.”
De Green Belt Movement plantte drie miljoen bomen in Kenia, met een subliem eenvoudige methode: vrouwen planten gratis ontkiemde inheemse boompjes en ontvangen een bescheiden geldsom voor elke boom die langer dan drie maanden leeft. ,,Steeds meer mensen zeggen: ‘Waarom moest Maathai lijden voor zo’n goede zaak?’ De wereld luistert gelukkig, begrijpt wat er op politiek vlak moet gebeuren voordat een boomzaadje kan worden geplant. Je moet weten dat het in Kenia verboden was om mensen te mobiliseren of te onderwijzen. Geinformeerde mensen zijn immers moeilijker in bedwang te houden. Hoe kon ik vrouwen leren een jonge boom te onderhouden als we niet eens bij elkaar mochten komen? We moesten wetten veranderen, voordat we door konden gaan met ons werk. Niemand zal ooit zeggen dat het goed is om te lijden, maar de Nobelprijs maakte dat zeker de moeite waard.”
Maathai zag in dat er een relatie bestond tussen lokale en globale problemen. Met haar opleiding schudde ze vrouwen wakker, spoorde ze hen aan hun stem te verheffen als ze het ergens niet mee eens waren, op te komen tegen de regering of dominante echtgenoten. Een gefrustreerde president Moi verklaarde dat het on-Afrikaans is voor een vrouw om mannen uit te dagen of tegen te spreken. Hij noemde de Green Belt Movement ‘een club slecht ingelichte, gefrustreerde, gescheiden vrouwen’, en riep de vrouwelijke bevolking op ‘het schaap dat van het rechte pad is geraakt, te disciplineren’. Daarmee doelde hij op Maathai. Een parlementslid wilde zelfs zover gaan een vloek over haar uit te spreken.
,,Ik waagde het in 2002 om me kandidaat te stellen voor het parlement en kreeg in mijn kiesdistrict 98 procent van de stemmen . Dat was geweldig, ik voelde voor het eerst dat er iets stond te gebeuren. Ik had zo lang gevochten, nu zou ik dat eindelijk op regeringsniveau kunnen omzetten in daden. Vrouwen dansten in de straten van Nairobi. Het was een wonderlijk gevoel. Op zulke momenten merk ik dat mijn jarenlange strijd mijn hart niet taai heeft gemaakt: ik ben nog steeds emotioneel. Als mensen me feliciteren met dikke tranen in de ogen, nou dan begin ik ook een potje te janken hoor. Op het podium in Oslo had ik ook natte wangen. Ik kan huilen om hele intense dingen, maar ik kan ook huilen om niks. Bevrijdend is dat.”
Parlementariers die haar bloed wel konden drinken, hebben nog altijd moeite met de voormalige dissident, die nu het ministerie van milieu bestiert. ,,Ik werd altijd neergezet als ‘die wilde vrouw’. Ik vecht nog met dezelfde mensen als voorheen, alleen dan op democratische wijze. Ik moet daar nog erg aan wennen. Sommige Kamerleden die me vroeger het leven zuur maakten, komen nu naar me toe met opmerkingen als: ‘Mensen begrijpen jou niet. Ze beoordelen je verkeerd.’ Ik denk dat ze het dan nog steeds over zichzelf hebben.”
Enkele weken na Maathais aantreden als onderminister van milieu, moest Moi opstappen, na ruim twintig jaar presidentschap. Miljoenen kiezers vonden het tijd voor een nieuw bewind en stemden voor de oppositie. De nieuwe president Mwai Kibaki en zijn Nationale Regenboogcoalitie (Narc), winnaar met 125 zetels, kregen de zware taak om de erfenis over decennia van wanbeleid en verwaarlozing ongedaan te maken. Maathai mocht, naast de milieu portefeuille, ook helpen met het schrijven van Kenia’s nieuwe grondwet. ,,Het wordt een heel andere dan de huidige grondwet. Niet alleen omvat het de rechten voor mensen, ook die van dieren komen aan bod. Evenals het milieu.”
BIOGRAFIE WANGARI MUTA MAATHAI
Geboren: 1 april 1940 in de White Highlands,
gescheiden moeder van een dochter en twee zoons
1964: Doctorandus in Biologie, VS
1966: Masters in Biologische Wetenschappen, VS
1971: Doctoraat in Microanatomie, Kenia
1973-1980: Directeur Keniase Rode Kruis
1977-2002: Grondlegger en coordinator Green Belt Movement
2002-heden: Kamerlid namens kiesdistrict Tetu, regio Nyeri
2003-heden: Onderminister van Milieu en Natuurlijke Bronnen
- Lid van de VN-raad voor Ontwapening, de VN-commissie voor Globaal Bestuur, de Earth Charter Commissie en het selectiecomite voor de Sasakawa Milieuprijs van het VN Milieuprogramma
- Bestuurslid Nationale Vrouwenraad van Kenia, Women’s Environment and Development Organization, World Learning for International Development, Internationale Groene Kruis, Environment Liaison Centre International en Wereldwijde Netwerk van Vrouwen in Milieuwerk
Bio auteur:Esther Gotink woont sinds een aantal jaar in Londen, waar ze werkt voor het Nederlandse persbureau GPD. Daarvoor was ze freelancer voor onder meer Trouw en Viva.

Steven van de Vijver (Hamburg, 1977) heeft tijdens zijn studie geneeskunde langere tijd in Ethiopië, India, Australië en de Verenigde Staten gewerkt en daarover gepubliceerd in diverse tijdschriften...
Thijs Niemantsverdriet (1978) is sinds 2004 redacteur van Vrij Nederland. Hij studeerde geschiedenis in Amsterdam en Oxford en woonde in Florence. Tijdens zijn studententijd was hij lid van het cabaretgezelschap Schering en Inslag, waarmee hij in de finale stond van het Leids Cabaret Festival...
Tijn Touber (1960) is schrijver en componist. Hij is oprichter van popgroep Lois Lane en schreef enkele van hun hits. Hun debuutalbum bereikte de eerste plaats van de Album Top 100 en verkocht meer dan 100.000 stuks. Na dit muzikale avontuur trok hij zich terug om zich toe te leggen op bewustzijnsontwikkeling...
Tijdens en na zijn studie Nederlandse Taal- en Letterkunde werkte Willem van Leeuwen (1959) als correspondent en journalist bij het Amstelveens Weekblad. Daarna was hij onder meer werkzaam voor Twentsche Courant Tubantia....
Wil jij ook een interview met jouw held publiceren? Word schrijver voor Moderne Helden
Wauw, sommige mensen zijn echt geweldig.
Meer van dit soort en de wereld zou er beslist beter uitzien.